Ondernemer, reiziger, antropoloog

Sinds ruim 7 jaar sta ik met Antropomo ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en werk ik voor Gastouderbureau Kroostopvang. In januari 2013 kreeg ik de kans om de inmiddels door mij opgezette regio Amersfoort als zelfstandige vestiging te gaan runnen. Die kans greep ik uiteraard, ondernemer die ik ben. En dat bleek een goede zet. De groei waarvoor in de eerste 3 jaar de basis was gelegd zette door, en hoe! Inmiddels is Gastouderbureau Kroostopvang Amersfoort 5 keer zo groot als waar ik mee begon.

Maar na 7 jaar was ik wel toe aan iets anders. Door de groei van Kroostopvang was dat bedrijf dan ook langzaamaan al mijn tijd gaan opslokken. En oh ja, ik had ook nog een gezin… Maar er was vooral ook nog een klein waakvlammetje in me dat sinds begin 2016 steeds vaker en meer om aandacht ging vragen. De antropoloog en reiziger in mij begon steeds harder te roepen. En dus togen we in de zomer van 2016 met zijn vieren naar Japan, want mama werd wat onrustig. Vier weken reisden we rond, rugzak op. Van bullet train over op de lokale boemel, van slapen in tempels tot het drukste kruispunt van de wereld. Maar vooral genietend van de mensen. Want oh wat zijn de Japanners aardig, behulpzaam en oprecht. Het was een fantastische reis!

En toch, in tegenstelling tot wat we dachten (en mijn gezin ook vooral hoopte), was dat waakvlammetje in mij, dat zich sinds de geboorte van onze dochter (bijna 8 jaar geleden) rustig had gehouden, niet verkleind, maar juist gegroeid tot een gigantisch kampvuur (zo een waar je met je vrienden, wat wijn en een gitaar omheen zit op een zwoele zomeravond). Een vuur dat wilde branden en niet geblust kon worden met deze ervaring. Het wilde meer, de reiziger, de antropoloog, de ondernemer in mij wilde meer. Nee, ik wilde meer.

En dus begon ik de eerste werkdag na onze vakantie niet met het lezen van mijn e-mails, maar met het plaatsen van een vacature. Per september zou al een nieuwe collega starten die een deel van mijn werk zou overnemen. Voor de vakantie was ik al gaan samenwerken met iemand die een ander deel van de regio als zelfstandig gastouderbureau zou gaan runnen en nu zou ik het laatste deel van mijn regio ook gaan overdragen. Begin van het jaar had ik er niet aan moeten denken alles los te laten, maar nu was het goed, ik was er klaar voor. Inmiddels had ik, samen met de andere directeur van Kroostopvang besloten dat we onze gastouderopvang-formule in heel Nederland wilden gaan neerzetten, waardoor er voor mij weer een nieuwe uitdaging in het vooruitzicht kwam, waar ik heel veel zin in had. En zo geschiedde, na tal van sollicitatiegesprekken koos ik een enthousiaste meid die net zo vurig vertelde over haar zin in de baan, als ik over de plannen die zich in mijn hoofd ontwikkelden.

Je hoort wel eens dat mensen zeggen “toeval bestaat niet”. Ik geloof daar wel in, of liever gezegd ik wil daar wel in geloven. Maar hoe het ook zei. De dag nadat ik mijn nieuwe collega had aangenomen (overigens dezelfde dag als dat we het sollicitatiegesprek hadden gevoerd, ik ben namelijk van mening dat als iets goed voelt je er gewoon voor moet gaan) kwam op facebook zo’n gesponsord bericht voorbij met een oproep. Hulporganisatie Mensen met een Missie zocht 100 reporters die voor/met hun naar een van hun projectlanden wilden gaan (op eigen kosten weliswaar), om daar gedurende twee weken hun projecten te bezoeken en van die reis verslag uit te brengen op een door hen zelf gekozen manier. Dat was het! Dat was precies wat ik wilde! Reizen, in contact zijn met de lokale bevolking, met hen praten, meeleven, onderdompelen in hun cultuur en dan daarover schrijven. En dus schreef ik diezelfde dag nog mijn sollicitatie  voor reporter naar Bolivia.  Uit mijn tenen kwam hij. Ik denk echt dat de mail licht gaf toen de ontvanger hem opende. Dat deed ik zelf overigens ook tijdens het gesprek waarvoor ik vervolgens werd uitgenodigd.

Eind november kreeg ik het verlossende bericht: ik mocht mee naar Bolivia! 2 weken lang reizen we door het land, logeren we bij de lokale bevolking die deelneemt aan de projecten. Want we gaan zo’n 6 projecten bezoeken. Alle projecten in Bolivia, die Mensen met een Missie ondersteunt, richten zich op vrouwen. Ruim 70% van alle vrouwen in Bolivia wordt seksueel of fysiek mishandeld. Toen ik dat las, wist ik zeker dat me juist nu, juist voor hen wilde inzetten.

Want wat ben ik dankbaar dat ik een vrije Nederlandse vrouw ben. Dat ik moeder mag zijn, maar niet alleen voor de kinderen en het eten hoef te zorgen. Dat ik daarnaast ondernemer mag zijn en mag reizen. En dat ik antropoloog mag zijn en mijn dromen mag najagen. Ik hoop oprecht dat door het volgen van mijn hart en door dit Boliviaanse hout op mijn vuurtje te gooien, ik ook een klein sprokkelhoutje mag gooien op het vuur van de Boliviaanse vrouwen. Dat zij zich ook krachtiger en sterker gaan voelen en dat zij zichzelf mogen zijn. Dat ze (weer) kunnen dromen, ambities kunnen hebben, voor zichzelf, maar ook voor hun kinderen. En dat het ondernemerschap dat daarmee gepaard gaat niet (fysiek of seksueel) de kop in zal worden gedrukt. Daarom ga ik naar Bolivia.

En daarvoor is geld nodig. Voor 1 maart tenminste 1000 euro, dat dus, voor de duidelijkheid, niet naar mijn reis gaat (want die bekostig ik zelf), maar naar de projecten van Mensen met een Missie in Bolivia. Wil je ook steunen? Dan kan dat via deze link:

Https://www.mensenmeteenmissie.nl/reporter/monique-tekstra-van-lochem/

Dank alvast! Ik houd je op de hoogte!